Groen effectplan©

Ontheffingsprocedures Flora- en Faunawet &Natuurbeschermingswet

Res nova heeft het Groen effectplan© ontwikkeld in het kader van de Flora- en faunawet. Het is vooral nodig bij 'gevoelige' ingrepen op het gebied van de ruimtelijke ordening: daar waar schade gevreesd wordt voor beschermde dier- en plansoorten en hun habitats moet ontheffing gevraagd worden in het kader van de Flora- en faunawet. Om dat te bereiken moet een aanvraag met een projectplan (het Groen effectplan© van Res nova) worden ingediend bij de Dienst Regelingen van het ministerie van LNV dat deze taak van Bureau Laser heeft overgenomen. Vandaar dat in vakkringen nog steeds gesproken wordt van het Lasertraject. 

Onlangs zijn de ervaringen van Res nova teruggekoppeld met het team Projectsubsidies & Flora en Fauna van de Dienst Regelingen van het ministerie van LNV. Op grond  van dit overleg is het nieuwe beleid van het ministerie vertaald in een blauwdruk voor het omgaan met ecologische waarden bij ruimtelijke ingrepen:

  1. uitgangspunt vormt het ecologisch veldonderzoek dat door een ter zake deskundige (persoon of bedrijf) verricht moet worden en de basis vormt van in casu het Groen effectplan© van Res nova; 

  2. als dit veldonderzoek geen geen bijzondere soorten bevat (die voorkomen op tabel 2 of tabel 3 van de lijst van het ministerie van LNV) heeft men automatisch vrijstelling en is het niet nodig om een ontheffing aan te vragen. De opdrachtgever en/of de overheid kunnen de conclusies van het Groen effectplan© van Res nova in dat geval als vertrekpunt nemen voor de voortzetting van de plannen;

  3. als tijdens het veldonderzoek wél soorten opgemerkt worden die behoren tot tabel 2 of tabel  3 dan moet een grondige effectanalyse gemaakt worden;

  4. Blijkt uit de effectanalyse dat er geen ingrijpende gevolgen te verwachten zijn voor de flora en fauna binnen het projectgebied, dan verkrijgt men opnieuw automatisch vrijstelling en behoeft géén ontheffing aangevraagd te worden. Ook in dat geval worden de conclusies uit het Groen effectplan© als vertrekpunt gebruikt voor de verdere voortgang. 

  5. Als er tabel 2-soorten aanwezig zijn en er zijn nadelige effecten voor ruimtelijke ontwikkelingen kan men voortgaan op basis van een goedgekeurde gedragscode. Een dergelijke gedragscode moet door een ondernemer, sector of instelling zélf opgesteld worden en bij het ministerie ingediend worden voor goedkeuring. Sectorale organisaties als bijvoorbeeld de Unie van Waterschappen zijn hiermee op dit moment bezig. De zwaarte van de ruimtelijke ingreep wordt beoordeeld aan de hand van het criterium: "doet geen afbreuk aan gunstige staat van instandhouding van de soort". Zoals er geen gedragscodes zijn, zal het Groen effectplan© dan ook moeten voorzien in voorstellen voor mitigatie en/of compensatie die op dit criterium zijn afgestemd.

  6. Als er tabel 3-soorten aanwezig zijn en er zijn nadelige effecten ten gevolge van de beoogde ontwikkeling, dan is altijd een ontheffing nodig: er wordt dan 'uitgebreid getoetst', hetgeen betekent dat het Groen effectplan© moet voorzien in uitgebreide concrete voorstellen ter zake van mitigatie en/of compensatie. Tabel 3 valt samen met bijlage IV van de Europese Habitatrichtlijn.

  7. Een toelichting op of een interpretatie van bestaand beleid hoeft niet in het projectplan, maar kan wenselijk zijn wanneer de opdrachtgever het projectplan ook voor andere besluitvormingsprocessen nodig heeft (bestemmingsplannen, artikel 19 WRO)

  8. Er mag door de Dienst Regelingen (binnen de grenzen van redelijkheid) niet meer dan twee maal om aanvullende informatie gevraagd worden 

  9. Niet kappen in het broedseizoen is een standaard voorwaarde, omdat alle vogels in Nederland beschermd zijn, met uitzondering van de exoten.

  10. Het kan geen kwaad opdrachtgevers te wijzen op de standaard zorgplicht. Deze komt bijna neer op een 'latente noodzaak tot een ontheffingsaanvraag': Als men tijdens de werkzaamheden bijvoorbeeld een Rugstreeppad tegenkomt moet de bouw eventueel stilgelegd worden en is op dat moment een ontheffing nodig.

De moraal van het verhaal is dat er altijd een projectplan, casu quo Groen effectplan© geschreven moet worden, maar dat dit alleen in de gevallen sub 5 (zolang er nog geen vastgestelde gedragscode is) en 6 als onderdeel van een ontheffingsaanvraag ingediend moet worden bij LNV. Van elementair belang blijft de eigen, wettelijke verantwoordelijkheid die iedere Nederlander heeft als het gaat om het voortbestaan van beschermde flora en fauna.

Behalve de Flora- en faunawet kan de Natuurbeschermingswet van toepassing zijn bij projecten, wanneer zij ín of in de nabijheid van een beschermd natuurmonument gesitueerd zijn. In dat geval omvat het ecologisch onderzoek ook de informatie die nodig is voor een vergunning of ontheffing in het kader van die wet. 

Op provinciaal niveau moet nog rekening gehouden met aanvullende beleidsregels. Ook het onderzoek in dat verband past binnen het stramien van het Groen effectplan©.

×

Ù 2 y @ Ñ

Flora- en faunawet; POL; Natuurbeschermingswet; LNV ; tabelsoorten; Habitatrichtlijn; Res nova's woordenboek