
De informatie over de producten van Res nova is opgezet in de vorm van een vragenlijst die onderverdeeld is naar doelgroep. Deze bestaat uit:
Tot de particuliere eigenaren worden worden in feite álle belastingplichtige partijen gerekend die als fiscaal relevantgelden, dus ook projectontwikkelaars en woningbouwcorporaties. Puntsgewijs zijn onder elke groep de meest voorkomende vragen opgenomen. Via de hyperlinks komt men bij de antwoorden terecht. Aan het eind van ieder antwoord staat een serie sleutelwoorden voor verdere informatie.

Vakwerkpand te Noorbeek
Particuliere eigenaren mede als initiatiefnemer van ruimtelijke ingrepen (bouwkundig of landschappelijk) :
Indien uw vraag hier niet bij staat, neem dan contact met ons op!
Overheid, mede als initiatiefnemer van ruimtelijke ingrepen (bouwkundig of landschappelijk)
Indien uw vraag hier niet bij staat, neem dan contact met ons op!
Non-profit instellingen, mede als initiatiefnemer van ruimtelijke ingrepen (bouwkundig of landschappelijk):
Indien uw vraag hier niet bij staat, neem dan contact met ons op!
Productwijzer met antwoorden
Cultuur- en bouwhistorische analyseAlgemeen blijkt een cultuurhistorische analyse een belangrijk hulpmiddel te zijn voor de architect bij het opzetten en uitwerken van zijn plannen. Door middel van duidelijke aanbevelingen slaat Res nova een brug tussen de cultuurhistorie en het ontwerpproces. Daarbij zijn goede ervaringen opgedaan met gezamenlijke sessies met de architect die vaak ter plekke op basis van de informatie van Res nova nieuwe ideeën opdoet.
Afgelopen jaren is telkens weer gebleken dat die informatie een bron van nieuwe inzichten vormt. Daarom heeft Res nova in haar rapporten en op deze site de rubriek Res novae opgenomen om de ontdekkingen extra te accentueren.
Het cultuur- en bouwhistorisch onderzoek wordt, naar gelang de opdracht, gecombineerd met andere vormen, zoals Fiscaal verhaal© en het CHBO (als onderdeel van het PER©).
Fiscaal verhaal©,
PER©,
Ruimtelijk instrumentarium
Vergunningentraject
Dit traject bestaat, behalve uit de gewone bouwvergunning, uit de
volgende extra stappen:
PER©,
Cultuur- en
bouwhistorische analyse
Fiscaal
verhaal©
Res
nova heeft het product Fiscaal verhaal©
speciaal ontwikkeld voor particuliere monumenteneigenaren,
die sinds 2004 niet meer in aanmerking komen voor
rijkssubsidie. In plaats daarvan heeft de overheid de
vanouds bestaande aftrekbaarheid van onderhoudskosten aan
een rijksmonument gekoppeld aan een laagrentende lening
van het NRF,
de restauratiefondshypotheek. Om hiervoor in aanmerking te
komen heeft men onder meer een beschikking nodig van
Belastingdienst Bureau Monumentenpanden (BBM)
te Amersfoort die
de omvang van de aftrekbare kosten bepaalt. De blauwdruk
voor Fiscaal verhaa© is in overleg met het
BBM
tot stand gekomen en bestaat uit:
De ervaring leert dat Fiscaal verhaal© een middel bij uitstek vormt om tot betaalbare en dus beheersbare restauratiecampagnes te komen.
Sinds de inwerkingtreding van het BRIM maakt de restauratiefondshypotheek daar formeel deel van uit. Daardoor is de doelgroep beperkt tot uitsluitend eigenaren van woonhuismonumenten en boerderijen zonder agrarisch bestemming. Alle overigen stromen vanaf dit jaar geleidelijk in in het BRIM en komen in aanmerking voor onderhoudsubsidie. Hiervoor heeft Res nova het FIT© ontwikkeld. U kunt bij het instroomschema op deze website vinden waar u onder valt.
Cultuur- en bouwhistorische analyse,
Vergunningentraject,
NRF,
BBM,
BRIM
FIT©
Als antwoord op het nieuwe subsidiestelsel voor Rijksmonumenten, het
BRIM,
heeft Res nova het Financieel instandhoudingstraject (FIT©)
voor Rijksmonumenten bedacht. Niet alleen kunnen we daarmee volgens de regels
van de kunst de subsidieaanvraag onderbouwen, maar ook de fiscale aftrek
regelen voor dat gedeelte van de werkzaamheden dat níet gesubsidieerd wordt. Het FIT© kunt u dus beschouwen als een Fiscaal verhaal©
+.
Cultuur- en bouwhistorische analyse,
Vergunningentraject,
NRF,
BBM,
BRIM,
Fiscaal verhaal©
Financiële routeplanner
Een financiële routeplanner voor (langlopende)
restauratieprojecten heeft zin voor zowel particulieren
als instellingen. Hierbij wordt de expertise betrokken van
een accountant om een optimaal effect te bereiken.
Subsidies,
sponsoring en fondsenwerving
Restauratiebegeleiding
Dit behelst de coördinatie van alle werkzaamheden die verband houden met
de voorbereiding en uitvoering van bouwwerkzaamheden aan een monument.
Cultuur- en bouwhistorische analyse,
Vergunningentraject
Subsidies, sponsoring en fondsenwerving
Het werven van extra middelen is
in principe altijd mogelijk. Sedert het BRIM
is ingevoerd staat voor bepaalde categorieën monumenten een
(beperkte) onderhoudsubsidie open. Voor particuliere eigenaren
bestaan verder, afhankelijk van de gemeente of de provincie waar
het pand gelegen is, vaak aanvullende regelingen op
rijkssubsidies. Deze zijn echter over het
algemeen niet erg ruim. Overige (particuliere) fondsen zijn
in het algemeen eerder
geneigd om aan stichtingen extra middelen te verstrekken
dan aan particulieren en overheden. Voor lagere overheden
bestaan bij hogere overheden vaak nog bijzondere stelsels. Een enkele regeling, zoals
Belvedere is voor
alle doelgroepen toegankelijk. Voor sponsoring moet het
voor het bedrijfsleven vanuit het oogpunt van
naamsbekendheid en prestige interessant zijn om een
donatie aan het project te geven.
Een bijzondere rol wordt vervuld door de swank, oftewel de steigerreclame, waarvoor men wel de medewerking moet hebben van de gemeente.
In Maastricht bestaat een aparte, planologische regeling voor particuliere monumenteneigenaren om door middel van extensief nevengebruik van het gemeentelijk monument middelen voor de instandhouding te generen.
Cultuur- en bouwhistorische analyse,
Vergunningentraject,
Swank,
BRIM
Planologisch
erfgoedregime (PER©):
Het PER© is
een alternatief voor de traditionele gemeentelijke
monumentenverordening en is door Res nova ontwikkeld voor de
gemeente Maastricht: het betreft het Maastrichts planologisch
erfgoedregime (MPE) met:
Maastrichts
planologisch erfgoedregime, Casusanalyse Trichterhoeve
Maastricht,Vergunningentraject,
BIH
Beleidsonderzoek en -ontwikkeling
Res nova heeft ruime ervaring met beleidsonderzoek en
-ontwikkeling. De partners hebben in het verleden voor de
gemeente Margraten en Sittard de monumenten- en de
subsidieverordening opgesteld, waarbij voor een deel nieuw
beleid is gemaakt.
Voor de provincie Noord-Brabant en voor de gemeente
Maastricht heeft Res nova aan de hand van casusonderzoeken
het bestaande beleid en instrumentarium doorgelicht.
Tevens is daarbij gekeken in hoeverre dat, mede vanuit de Nota
Ruimte, bijstelling behoefde. Het onderzoek
voor Noord-Brabant heeft tevens uitgepakt als een
evaluatie van de cultuurhistorische ambities in het
Streekplan Brabant in balans (2000).
Voor het opstellen van beleidsnota’s op het gebied van cultuurhistorie en ruimtelijke ontwikkeling, de ontwikkeling van beleidsinstrumenten en de inventarisatie van bestaand beleid kunt u dus bij ons terecht.
Nota Ruimte,
Casusanalyse Eckartdal
Eindhoven, Casusanalyse Trichterhoeve
Maastricht,
Kadernota Maastricht, PER©
Gebiedsontwikkeling Dankzij de creatieve, communicatieve en strategische aanpak
van Res nova en de medewerking van de gemeente Bergen is het
de initiatiefnemer gelukt om van de provincie bij hoge
uitzondering groen licht te krijgen voor een ontwikkeling in
het buitengebied. Natuur en cultuur vormen daarvoor het
vertrekpunt. Zaken die de komende jaren nog aan bod komen
zijn: Inmiddels is het estafettestokje overgenomen door andere
partijen die voortgaan op de ontwikkeling die mede dankzij
de inbreng van Res nova ingezet kon worden.
Hoewel
ongebruikelijk voor een klein bureau heeft Res nova, dankzij
haar netwerk, alles in huis om een groot project te
begeleiden. Een voorbeeld vormt landgoed Bleijenbeek dat
deels bestemd is als golfbaan, deels voor hotelaccommodatie
en deels voor seniorenwoningen. Het landgoed wordt omringd door Nationaal Park De Maasduinen. Om een indruk te geven van
wat Res nova u in een dergelijk geval te bieden heeft, volgt
hier een overzicht van de werkzaamheden:
Project
Bleijenbeek, Flora- en
faunawet, POL, Natuurbeschermingswet
Groen
effectplan©
(met ecologisch onderzoek)
Dit product is ontstaan als gevolg van onze ervaringen met de Flora- en faunawet.
Iedere Nederlander heeft ingevolge deze wet de
verantwoordelijkheid om te verifiëren of zijn handelingen
nadelige effecten kunnen hebben op de beschermde plant - en
diersoorten en hun habitats. Het zal duidelijk zijn dat dit
met name consequenties heeft voor de bouwsector: bij
infrastructurele werken, projectontwikkeling, nieuwbouw, maar
ook bij herbestemming van grote complexen en het beheer van de
waterlopen moet men bij de planning en uitvoering van het werk
rekening houden met de 'groene' waarden. Vandaar dat Res nova
in overleg met de
Dienst Regelingen van het ministerie van LNV een blauwdruk
heeft ontwikkeld voor het omgaan met
ecologische waarden bij ruimtelijke ingrepen. Hierover vindt u
meer op deze site bij het Groen effectplan©.
Het Groen effectplan© biedt ook uitkomst voor projecten waarbij de Natuurbeschermingswet in het geding is - meestal ín of in de nabijheid van een beschermd natuurmonument -, of één van de provinciale beleidsregels op het gebied van natuur.
Groen
effectplan©, Flora- en
faunawet, POL, Natuurbeschermingswet,
LNV, Tabelsoorten,
Habitatrichtlijn
Ruimtelijke
instrumenten
Een gemeente kan
cultuurhistorie beter betrekken bij de ruimtelijke
ordening en de ontwikkeling van stad of dorp door de inzet
van verschillende ruimtelijke instrumenten:
In alle deze gevallen wordt de grondslag gevormd door een CHBO, waarvan de verschillende onderdelen gekozen worden naar gelang de aard en de omvang van het project. Bij een artikel 19-procedure bijvoorbeeld is geen inventarisatie van de bebouwing nodig, terwijl er ook locaties denkbaar zijn waarbij het bodemarchief geen rol speelt.
Nota bene!
Inmiddels is de nieuwe wet op de ruimtelijke ordening in werking getreden. Daar waar in deze website nog gewag wordt gemaakt van Artikel 19 WRO dient gelezen te worden Projectbesluit. Dit is in zoverre anders dan de voormalige artikel 19-procedure, dat het welbeschouwd per afwijking om een mini bestemmingsplannetje gaat, waarna niettemin het eigenlijke bestemmingsplan nog via een volwaardige procedure aangepast dient te worden.
De meeste gemeentes zien dan ook af van de toepassing van het projectbesluit en laten direct een gewijzigd bestemmingsplan opstellen.